Alle EPS parels zijn het zelfde, toch?

19 Juni, 2018 11:36

Alle EPS parels zijn het zelfde, toch?

Een zeer veel gehoord verkoopverhaal bij opname van een woning voor isolatiewerkzaamheden is dat alle EPS parels toch hetzelfde zijn.
Tenminste, als we 90% van de verkopers mogen geloven wel!
Maar is dat zo?

In deze blog laat ik enkele verschillen zien tussen wat verschillende parels die momenteel in de handel zijn.
Zie, lees, en oordeel daarna zelf!

EPS parels worden op 2 manieren gemaakt;
De eerste manier (en tevens de oudste methode) is dat het styreen in een vat gemengd wordt met een roerwerk waardoor er een vergelijkbare situatie ontstaat als olie in water mengen.
Oplossen gaat niet dus er ontstaat een polymerisatiereactie waardoor er allemaal kleine bolletjes polystyreen ontstaan in de vloeistof die daarna microbeads genoemd worden.
Het voordeel hiervan is dat deze microbeads volkomen rond zijn, aangezien ze in een vloeistof (gewichtsloos) zijn ontstaan.

De tweede manier is de extrusie methode.
Het styreen wordt in een polymerisatie reactorvat tot een grote polystyreenklomp gepolymeriseerd. Deze klomp PS is een plastische brij (PS is een thermoplast) die door een soort gehaktmolen geperst wordt.
De diameter van de gaatjes in deze “extruder” bepaalt de grootte van de microbeads die daarna de grootte van de EPS parels zullen bepalen.
Tegen de extruder draait een mes rond die de slierten PS afsnijd in kleine stukjes. Deze microbeads zijn dus niet volkomen rond maar eerder ton/boon/eiervormig.
De extrusiemethode heeft t.a.v. de PS polymerisatie van styreen enkele voordelen. Echter voor de vorm van de uiteindelijke EPS parels is dit niet de meest gunstige manier.

Door de verschillende productiemethoden en ontstaan er ook wezenlijk verschillende parels na het opschuimen tot EPS parels.
Hieronder enkele voorbeelden:

Hier ziet u een foto van 5 verschillende parels, 4 EPS parel varianten en 1 Biofoamparel variant.
Biofoam wordt, i.t.t. EPS, van melkzuur gemaakt en hier is dus geen aardolie voor nodig.

Allereerst valt op dat er nogal wat verschil zit in de vorm van de parels, maar ook in de grijze kleur.
Dat er tegenwoordig veel grijze EPS verkocht wordt heeft een reden, maar daar later meer over.

 Van links naar rechts:

  1. De eerste EPS parel is een goede kwaliteit; mooi rond (sferisch) gesloten oppervlak en constant van grootte. Prima, voldoet aan alle normen.

  2. De tweede parel is de Biofoam variant. Rond, gesloten oppervlak, constant van grootte en Biobased.

  3. De middelste parel is een EPS parel die wij helaas nogal eens zien. Deze parel is een extrusieparel die boonvormig is geworden door een gebrek aan, of helemaal geen, nabewerking van de microbeads. Verder zijn er duidelijk deukjes zichtbaar. Dit komt meestal door overexpanderen waardoor de parel vanbinnen hol is geworden en deze bij het afkoelen naar het opschuimen instort.

  4. De vierde parel is een parel die op de oude manier vervaardigd is maar een andere vorm heeft dan gewenst. Dat kan bijvoorbeeld ontstaan bij het legen van het reactorvat. Deze parels worden uitgezeefd omdat deze buiten de specificaties van vorm vallen maar kunnen nog prima gebruikt worden voor diverse doeleinden, anders dan spouwmuurisolatie etc.

  5. De vijfde parel is een extrusieparel, echter hier is wat meer mis gegaan!

    De linker is prima rond en gesloten. De rechter is echter niet rond en heeft een open, onregelmatig poreus oppervlak. 
    Bij de rechter kan van alles zijn misgegaan tijdens de productie, zowel tijdens de polymerisatie als bij het opschuimen!

Nu heb ik het alleen nog maar over de uiterlijke kenmerken gehad.
PS parels moeten een minimaal gewicht hebben van ten minste 13 kg per m3.
Waarom? Onder dat gewicht worden de parels te slap en kunnen ze op termijn gaan krimpen. 
Ook kunnen er holle parels ontstaan die bij lange na niet de isolatiewaarden halen die ze zouden moeten hebben.
Over het algemeen geldt: Hoe zwaarder de parels, hoe hoger de isolatiewaarde. Echter ook daar zit een grens aan!
De oppervlaktestructuur is duidelijk niet in orde. Dit geeft een risico op vochtopname van de parel waardoor de isolatiewaarde achteruit holt.

Waarom is de ronde vorm en de grootte van de parel zo belangrijk?
In de tachtiger jaren zijn wij erachter gekomen dat spouwmuren geïsoleerd met ronde EPS parels, die minimaal 2 mm groot zijn en een vrij constante korrelgrootte hebben, voldoende ruimte tussen de parels bevatten om opzuigen van vocht (capillaire werking) te voorkomen. Om die reden is de beregeningstest (wat een hele kostbare test was) afgeschaft. Immers als je je aan de minimale eisen t.a.v. de parelspecificaties houdt, zullen er geen problemen ontstaan.
Echter in de afgelopen 10 jaar is het extruderen van de parels flink toegenomen. 
Indien de parels niet rond zijn maar ei- of boonvormig, dan zal er aanzienlijk minder (lucht) ruimte tussen de parels aanwezig zijn. 
Helemaal wanneer je aan de ondergrens van de grootte gaat zitten (2mm). Het gunstige effect is dat je qua isolatiewaarde beter uitkomt. 
Dit gaat echter ten koste van het risico op vochtdoorslag, waarvoor de test helaas niet meer verplicht is om te doen.

De kleur van de parels:
EPS is van zichzelf wit van kleur, dat kennen wij allemaal.
Ca. 10 jaar geleden is men erachter gekomen dat, door het toevoegen van grafiet, de reflectiewaarde van EPS enorm toeneemt. 
Deze warmtereflectie zorgt voor een toename van de isolatiewaarde met ca. 15%.
Een veel gehoord verkoopverhaal is dat een donkere parel meer grafiet bevat dan een lichtgrijze parel. 
Dit is echter volkomen onzin! 
EPS kan maximaal 4% aan toeslagstoffen vasthouden en u mag er rustig van uitgaan dat in alle grijze eps parels 4% aan toeslagstoffen zit. 
De kleur bij grijze EPS wordt bepaald door de grootte van de grafiet deeltjes. Hoe groter de grafietdeeltjes hoe donkerder de parel. 
De isolatiewaarde heeft daar maar weinig invloed op.

Uitzondering hierop is de roetparel. Zoals de naam al doet vermoeden zit er in deze parel geen grafiet verwerkt maar roet.
Het grote voordeel is dat roet veel goedkoper is dan grafiet. Groot nadeel is echter dat roet niet in de buurt komt, qua reflectiewaarde, van grafiet.
Ook geven de roetparels nogal af.
Tijdens het verwerken wordt alles roetzwart in de omgeving, helaas ook vaak het interieur van de woning wanneer er met deze parel wordt nageïsoleerd.
Roetparels zijn feitelijk een goedkope imitatie van grafietparels met een veel mindere isolatiewaarde.
Dat is wat u echt niet wil!

Resumerend:
Er zijn grote verschillen tussen de EPS parels onderling.

- Vorm
- Afmeting
- Structuur
- Grafiet/roet
- Lambdawaarde
- Gewicht (massa)
- Contante parelafmeting (granulometrie)

Zijn alle parels dus hetzelfde?

 

 

 

Rc / Rbf / Rbw, Hoe zit dat nou? >